Mei 2023.
Vandaag ga ik terug naar het boerenerf in Serooskerke. Bij de bushalte aan de rand van het dorp stap ik uit. Vlakbij hoor ik een autotoeter. Het is Mark, de gastheer van de airbnb accommodatie. Mijn tassen gaan op de achterbank en ik neem plaats op de bijrijdersstoel. We rijden weg van de halte. De paralelweg op richting het groene, rustige laantje waaraan de woonboerderij en de gastenverblijven zijn gelegen. Als we het laantje oprijden, het eerste bochtje voorbij zijn en de heg met kwetterende vogeltjes gepasseerd zijn, gaan mijn ogen stralen. Ik kan de boerderij en het omliggende weiland met de schapen al zien. Eenmaal geparkeerd zegt Mark: ‘‘Je weet het allemaal wel weer te vinden hè Petra?’’ Ik antwoord met: ‘‘Jazeker, dat zou nu toch wel moeten. Ik kom hier al drie jaar. “


Nadat ik mijn tassen heb weggezet in de trekkershut loop ik een rondje over het erf. Er zijn wat dingen vernieuwd en opgeknapt. De grote, voorheen halfopen veranda met loungebank en comfortabele stoelen is nu voorzien van glazen schuifdeuren.
Fantastisch! Warm of koud, in de zon of uit de wind, nu kun je het hele jaar door genieten van het vrije uitzicht over de weilanden. Aan de achterkant van de bestaande veranda is nu een kleinere, halfopen veranda te vinden. Als de zon er is zit je daar heerlijk. Het ziet er allemaal geweldig uit.

Vervolgens loop ik het steegje in naast de hut. Daar is niet zoveel veranderd. Het keukentje is nog net zo gezellig en knus ingericht als de vorige keren. Niks aan doen, het is goed zoals het is. Als ik terugloop zie ik tussen de oude, ijzeren melkbussen een prachtig gekleurde staart bewegen. Mark zei net nog in de auto: ‘‘Ja, ze zal vast wel weer komen buurten.’’ En inderdaad, daar ben jij. Hallo meisje, roep ik zachtjes en buig wat door mijn knieën om lager bij de grond te komen. Met versnelde pas komt ze naar me toe. Ik word opnieuw overspoeld door haar charmes. Oh, wat ben ik blij jou weer te zien! En zo te merken is dat wederzijds.

En dan herken ik de stem van Marloes. Ze ziet mij en spreekt aan met: ‘‘Oh, uw man staat nog daar geloof ik.’’ Huh, dat is een aparte en onverwachte aanname. Ik begin te giechelen en antwoord terug met: ‘‘Ik heb geen man.’’ Op hetzelfde moment voegt zich aan de andere kant van het steegje een vrouw bij de wachtende man. Ze kijkt nog eens goed naar mij en dan valt het kwartje. ‘‘Oh, wat zeg ik nou, je bent natuurlijk Petra’’, waarna een uitbundige omhelzing volgt. We kunnen er samen hartelijk om lachen.
Mark en Marloes hebben het tegenwoordig behoorlijk druk op aankomst- en vertrekdagen. Steeds meer mensen weten dit Zeeuws huiselijk pareltje te vinden. En eenmaal gevonden, zijn er velen die regelmatig terugkomen. Ik breng mijn aandacht terug naar de grond. Tegelijkertijd bedenk ik dat haar naam mij nog onbekend is. Ik kan nog net naar Marloes roepen: ‘‘Hoe heet ze eigenlijk?’’ Saartje, galmt het na. Ik blijf nog even bij haar zitten. Ja, ik ben weer thuis.